Maarten van der Weijden zwemt deze week 270 kilometer vanuit zijn woonplaats Vught langs 22 steden om geld op te halen voor onderzoek naar de gevolgen van kinderkanker. Met zijn eerste grote zwemactie in 2018 haalde hij al 5 miljoen euro op voor kankeronderzoek. Ruim een half miljoen daarvan ging naar het UMCG, waar hoogleraar experimentele hematologie Jan Jacob Schuringa onderzoekt hoe acute myeloïde leukemie (AML) gerichter behandeld kan worden.
De noodzaak voor meer onderzoek naar AML is groot. Gemiddeld leeft slechts 25 procent van de patiënten vijf jaar na de behandeling nog. ‘Dat is echt onvoldoende, en daar moeten we wat aan doen’, vertelt Schuringa. Tegelijkertijd wordt al tientallen jaren onderzoek gedaan naar de ziekte. ‘Waarom lukte het tot nu toe niet om tot betere behandelingen te komen? Daarin zijn de afgelopen tien jaar grote stappen gezet. We begrijpen nu veel beter wat de behandeling zo lastig maakt.’
Stap voor stap begrijpen wat er misgaatOm tot gerichte behandelingen te komen, is het belangrijk om niet alleen te weten welke mutaties een patiënt heeft, maar ook welke processen in de cel daardoor worden verstoord.Daarvoor gebruikt Schuringa met zijn team patiëntmateriaal.
Bij het stellen van de diagnose wordt beenmerg en bloed afgenomen. Met toestemming van de patiënt kan een deel daarvan ook voor onderzoek worden gebruikt. ‘Dat materiaal is ontzettend waardevol voor onze studies. Maar we zien daarin vooral hoe een leukemiecel er uiteindelijk uitziet. In de jaren daarvoor hebben zich verschillende veranderingen in de cel voorgedaan. Dan is moeilijk te bepalen welke verandering welk effect heeft gehad.’
Lees hier het volledige artikel.
