Artificial Intelligence blijkt trefzeker in het diagnosticeren van autisme. Kan AI de psycholoog vervangen?
Meestal duurt het meerdere jaren voordat mensen de diagnose autisme krijgen. Daarbij is er ook nog een grote kans dat ze eerder bij een behandelaar een verkeerde diagnose ontvangen, zoals een depressie of persoonlijkheidsstoornis. Daarom hebben onderzoekers van de Vrije Universiteit Amsterdam samen met het Nederlands Autisme Register (NAR) een nieuwe methode getest om autisme beter te kunnen diagnosticeren. Met een hoofdrol voor AI.
Trager
In het onderzoek maakten 250 volwassen proefpersonen, van wie de helft autisme had, acht online testjes. Die maten het werkgeheugen, emotieherkenning, cognitieve flexibiliteit en andere hersenprocessen waar veel mensen met autisme moeite mee hebben. Deze testen leverden 54 uitkomsten op; niet alleen hoe precies de emoties werden herkend bijvoorbeeld, maar ook hoe snel dat gebeurde.
Vervolgens lieten de onderzoekers AI los op de berg data om patronen in kaart te brengen. Hoe goed of slecht de proefpersonen de afzonderlijke taken maakten, blijkt niet doorslaggevend voor de diagnose. Dat komt doordat mensen met autisme onderling te veel van elkaar verschillen. Wat ze wel gemeen hadden, was hun traagheid: ze voerden de taken langzamer uit dan mensen zonder autisme.
Lees hier het volledige artikel.
