Onderzoekers van het UMC Utrecht ontvangen subsidie voor drie van de zeven nieuwe onderzoeksprogramma’s van de Hartstichting. De onderzoeken richten zich op DNA-onderzoek bij erfelijke hartziekten, digitale hulpmiddelen voor thuismonitoring bij hartfalen en betere herkenning en behandeling van rechterkamerhartfalen. Het doel: minder ziekte, minder zorgdruk een betere kwaliteit van leven voor patiënten.
De onderzoeken richten zich op het voorkomen, eerder opsporen en beter behandelen van hart- en vaatziekten en lopen maximaal vijf jaar. Met de investering van 10,5 miljoen euro geeft de Hartstichting een krachtige impuls aan de hart- en vaatagenda. Deze agenda moet het aantal hart- en vaatziekten fors verminderen. Dat is hard nodig: hart- en vaatziekten zijn in Nederland de tweede doodsoorzaak en zorgt voor de meeste ziekenhuisopnamen. In Nederland leven 1,7 miljoen mensen met een hart- en vaatziekte.
Over de drie onderzoeken
Erfelijke hartziekte beter opsporen en voorspellen met DNA-onderzoek
Erfelijke hartziekten komen vaak voor en worden vaak te laat ontdekt. In dit onderzoek bestuderen wetenschappers bij welke mensen zonder hartklachten het zinvol is een DNA-test uit te voeren om een erfelijke aanleg voor een hartziekte te kunnen opsporen. Dit kan ernstige hartproblemen voorkomen of uitstellen. Ongeveer één op de 100 tot 200 mensen heeft een erfelijke aanleg voor hartziekten. Deze mensen kunnen al jong ernstige hartproblemen krijgen, zoals een hartstilstand of hartfalen.
Lees hier het volledige artikel.
