In een recent onderzoek slaagden Spaanse wetenschappers erin om pancreaskanker, een van de meest agressieve en dodelijke vormen van kanker, volledig en blijvend te laten verdwijnen. Het onderzoek bevindt zich nog in een experimentele fase, maar de resultaten zijn hoopgevend voor toekomstige behandelingen bij mensen.
De alvleesklier, ook wel pancreas genoemd, is een orgaan dat diep in de buik ligt, achter de maag. Ze speelt een belangrijke rol bij de spijsvertering door enzymen aan te maken die helpen bij de voedselvertering. Daarnaast produceert ze hormonen, zoals insuline, die de bloedsuikerspiegel regelen.
Wanneer er kanker ontstaat in de alvleesklier, wordt die vaak pas laat ontdekt. Dat komt omdat de eerste symptomen vaag zijn en gemakkelijk aan andere aandoeningen worden toegeschreven. Denk aan vermoeidheid, gewichtsverlies, verminderde eetlust, buik- of rugpijn en soms geelzucht. Tegen de tijd dat de diagnose wordt gesteld, is de ziekte vaak al ver gevorderd.
Waarom is pancreaskanker zo moeilijk te behandelen?
Pancreaskanker groeit meestal snel en reageert slecht op bestaande behandelingen zoals chemotherapie. Bij het merendeel van de patiënten is een bepaald gen, het zogenaamde KRAS-gen, beschadigd. Die genetische fout zorgt ervoor dat de kankercellen blijven delen en nauwelijks af te remmen zijn. Eerdere pogingen om dit gen te blokkeren, liepen vaak spaak omdat de tumor zich na verloop van tijd wist aan te passen en ongevoelig werd voor de behandeling.
Lees hier het volledige artikel.
