Aanwezigheid microplastics in lichaamsweefsel ineens ter discussie

‘We weten niet hoe erg het is’.
Het gaat daarbij niet om bedrog, maar om meet- en onderzoeksfouten. Zo zouden sommige van de weefselstudies ten onrechte vetweefsel aanzien voor plastics. In andere gevallen zou het onderzoek niet genoeg rekening houden met de vervuiling van de plastic spullen waarmee onderzoekers werken.

Het staat vast dat de wereld een enorm probleem heeft met microplastics en de nog kleinere nanoplastics. De afbraakproducten worden overal gevonden, van de diepzee tot hoog in de bergen. Dat mensen microplastics binnenkrijgen, staat ook buiten kijf. Vandaar dat er toenemende zorg is over wat dat eventueel doet met de gezondheid. Cruciaal daarbij is de vraag of en hoeveel plastic er in het lichaam zit.

Dat is veel, oppert een gestage stroom onderzoeken. Zo werden de deeltjes aangetoond in de lever, nieren, vaatwanden, testes en tal van andere weefsels en organen, vaak met grote media-aandacht tot gevolg. Neem de ontdekking van micro- en nanoplastics in het brein, een jaar geleden. Ook deze krant meldde dat het brein tot wel een plastic lepeltje bevat aan onzichtbaar klein plasticgruis.

Lees hier het volledige artikel.