Vijf vragen over slapen met een wearable.
Slaap meten met een smartwatch is populair, maar wat houdt zo’n meting in? Zegt het echt iets over de kwaliteit van slaap? NEMO Kennislink beantwoord vijf vragen over slapen met een wearable.
Je ziet ze steeds vaker. Smartwatches die je slaap bijhouden. Misschien draag je er al eentje, of twijfel je nog. De belofte van zo’n horloge is dat je meer inzicht krijgt hoe je slaapt, en hoe je de nachtrust kunt verbeteren. Zo verandert slapen van iets wat zich onbewust afspeelt in iets wat je kunt meten, volgen en optimaliseren.
Na een nacht slapen toont de app een slaapscore. Die geeft een indicatie van de kwaliteit van je slaap. De verschillende grafieken laten zien hoe lang je sliep en hoeveel diepe slaap je hebt gehad. Het oogt geavanceerd, maar wat kun je er écht mee? NEMO Kennislink vraagt het aan arts en hoogleraar Sebastiaan Overeem, werkzaam bij de gespecialiseerde slaapkliniek Kempenhaeghe.
Hoe meten wearables je slaap?
“Een smartwatch, zoals de Apple Watch of Fitbit, meet je slaap niet rechtstreeks, maar maakt een inschatting op basis twee lichaamssignalen: beweging en hartslag. Zodra je in slaap valt, beweeg je minder en daalt je hartslag. Op basis daarvan berekent een algoritme hoe de nacht eruitziet en maakt het een inschatting van welke slaapfasen je hebt doorlopen.”
“Dat is heel anders dan een slaapmeting in de kliniek, daar wordt juist de hersenactiviteit gemeten. Op basis van bepaalde kenmerken in de hersenactiviteit kun je namelijk zien in welke slaapfase iemand zit. Dat is een directe meting. Een smartwatch kan dat niet. Die leidt slaapfasen af uit indirecte signalen. Het blijft dus echt een benadering.”
Lees hier het volledige artikel.
