Hulp voor werkenden rondom de armoedegrens

In Nederland leven zo’n 355.000 werkenden met een laag inkomen onder of net boven de armoedegrens. Alleenstaande werkenden zijn oververtegenwoordigd. Ze zijn financieel kwetsbaar, hebben vaker schulden en weten de weg naar hulp en inkomensondersteunende regelingen niet altijd goed te vinden. Daarom lanceert het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de campagne ‘Stap naar hulp’.

De gevolgen van geldzorgen kunnen groot zijn. Mensen met een laag inkomen (tot 125 procent van de armoedegrens) vermijden vaker sociale activiteiten, slapen gemiddeld slechter, moeten soms maaltijden overslaan of leven in angst, bijvoorbeeld om uit huis gezet te worden.

Matige tot grote geldzorgen
Uit een peiling van onderzoeksbureau Ipsos I&O – onder 408 alleenstaande werkenden met een laag inkomen tussen 25 en 65 jaar – blijkt dat vier op de tien mensen matige tot grote geldzorgen heeft. Slechts de helft weet waar ze bij geldzorgen hulp kan krijgen.

Mensen met geldproblemen kunnen in sommige gevallen gebruikmaken van bijzondere bijstand, hun gemeentelijke lasten laten kwijtschelden of toeslagen en minimaregelingen aanvragen. Werkenden met een laag inkomen maken relatief minder gebruik van deze regelingen omdat ze denken dat deze niet voor hen bedoeld zijn. Of omdat ze bang zijn geld te moeten terugbetalen. In de Ipsos I&O-peiling gaf 35 procent van de alleenstaande werkenden aan hier bang voor te zijn, met name mensen tussen de 25 en 35 jaar.

Lees hier het volledige artikel.